Dura Lex

Bij mijn bureau staat een stapel boeken van circa een meter te wachten op hun vonnis.

Volgens mij weten ze wat hen te wachten staat. Als ik niet kijk fluisteren ze met elkaar over hun droevig lot en als ik langs loop proberen ze, op hun beperkte papieren wijze, mijn mededogen op te wekken. “Ja maar je hebt mij gekregen van <insert vriend van vroeger here>! Ja maar ik ga over Belangrijke Dingen! Ja maar ik ben een Meesterwerk! Je kunt me niet zomaar wegdoen!”

Zoals mijn dertig lezers weten heb ik geen problemen met het wegdoen van boeken; ik ben bovendien helemaal niet zo gehecht aan de individuele boeken in deze stapel. Het probleem is de magie van de hoeveelheid. Een los boek is een los boek, het kan je aantrekken en afstoten en dat is dat. Maar een boekenkast vol boeken, dat is een bibliotheek, een organisme. Hoe kan ik zomaar tenen en lymfeklieren en oorlellen en nieren uit een levend lichaam verwijderen? Heb ik dan een hart van steen?

De literatuur biedt weer eens een uitweg! Ik werp elke gedachte aan de verbijstering van de bouwvakkers aan de overkant weg van mij. Dan vervrouw ik me, pak een vleesmes en richt me hoog op. En dan draag ik Marsman voor, ten overstaan van mijn sidderend boekenbezit.

Geef mij een mes.
 ik wil deze zwarte zieke plek
 uit mijn lichaam wegsnijden.
 
 ik heb mij langzaam recht overeind gezet.
 
 ik heb gehoord, dat ik heb gezegd
 in een huiverend, donker beven:
 ik erken maar één wet:
 léven.
  
allen, die wegkwijnen aan een verdriet,
verraden het en dat wìl ik niet.
Sorry jongens. Hier heerst de Lex Barbarorum.
Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s