Madeleines

“Weet jij nog,” zegt Marcel, hij vouwt de krant op en legt hem bovenop een kluwen My Little Ponies, “weet jij nog, het was geloof ik in Agrigento, dat we wilden gaan eten maar de restaurants gingen pas om half negen open? En we struinden wat door de stad, en er was in een heel gewone straat een supermarkt waar we wat boodschappen deden? Hij was heel smal maar hij liep ontzettend ver door naar achter. Was dat in Agrigento?”

“Ja,” zeg ik, “dat was in Agrigento.”

Marcel haalt zijn schouders op met een gniffel. Hij pakt zijn sudoku-boekje en ik staar naar het scherm van de laptop. Het is 2005, ik ben eindelijk met Marcel op Sicilië. Agrigento ligt voor me en om me heen en omdat ik door het Agrigento van mijn herinnering loop (met moeite want de stad loopt in plateaus een berg op) herinner ik me steeds meer Agrigento totdat het er helemaal weer is, als een plattegrond die KABOEM uit mijn hoofd gevouwen komt.

De supermarkt, een typische Zuid-Europese supermarkt met tl-licht en die geur van fruit en karton. Het restaurant waar we zijn gaan eten, met dat klam-broeierige rode plastic tafelkleed en dat Italiaanse eten dat zo ontzettend Italiaans was, het dunne lapje vlees en de sla met hier en daar wat tomaat. Brood met sesam.

Het plein middenin een woonwijk, het enige plateau dat groot genoeg was om op te voetballen. De bal rolde bij het minste of geringste stratenver bergafwaarts en de kinderen er met z’n allen achteraan. Onder de naaldbomen lag een dode rat.

De kerk die Marcel moest zien, waarvoor we half Agrigento beklommen. We konden maar even naar binnen, er was een huwelijk aan de gang. De zus van de bruid ging halverwege de ceremonie op het plein staan, in de zon, in haar blauwsatijnen japon met kanten décolletage, haar strakke kapsel en haar spiffy schoenen. Om half drie ’s middags, de zon scheen terwijl het waaide; perfect weer voor eerstegraads verbrandingen-à-gogo.

De weg langs de camping waar we een uur wachtten voordat we er achterkwamen dat de bus staakte. Het busstation, met die twee Scandinavische meisjes. Dat dodelijk saaie museum. De mensen in witte pakken die rond de tempel van Demeter scharrelden. Dat barretje, die mini-sandwich die zo vergeven bleek van de tomaat dat ik er nog steeds van ril.

“Heb jij dat ook wel eens? Dat je moet denken aan van die volstrekt onbelangrijke plekken ergens in het buitenland?” zegt Marcel, “Van die plekken waar we geeneens foto’s van hebben gemaakt?”
“Oh ja,” zeg ik, “wel eens.”

Agrigento 2005

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s