Grip op de aap

Ik wil het vandaag hebben over mijn hormonen.  Net als jullie die mijn lezers zijn heb ik er vele. De meeste doen hun werk onder de radar, en met hen heb ik geen probleem.  (Wat niet weet wat niet deert, zeggen de bewoners van mijn amygdala wel eens.)  Een paar soorten daarentegen, die stammen uit de tijd dat de rat ons dichtstbijzijnde familielid was, doen dingen waar het deel van mij, dat in hele zinnen praat, naar kijkt terwijl het mompelt: ” Ja maar, zo bedoel ik het niet… Oh nee, dat was niet de bedoeling…”
Met de aanvang van mijn seksleven kwamen die rakkers lekker op stoom, maar het lijkt erop dat de geboorte van Naomi, pak ‘m beet achttien jaar later, hen een nieuwe impuls gegeven heeft. Soms is dat fijn. Soms is dat klote; en daarover, lezer, ga ik het vandaag hebben.

Neem nou de rush van Naomi tot de orde roepen. Ik geloof dat ik het voor het eerst ervaren heb op een middag in de zomer van 2009. Naomi kon nog maar net kruipen en het traphekje was zo nieuw dat we er nog niet aan dachten om het dicht te doen. Ik kwam aanlopen met god weet wat in mijn handen en daar kroop Naomi, welgemoed en opgeruimd in de richting van het uitnodigende trapgat. Ik kan heel hard brullen, en goed laag voor het maximum effect; en mijn brul van die middag zette de Sferen even stil. Gelukkig ook Naomi, die me aankeek met haar marcelligste gezicht en die toen welgemoed en opgeruimd terugkroop in de richting van de huiskamer. Ik was me de tandjes geschrokken, natuurlijk; maar wat ik me ook herinner is die rush, een vreemd en plotseling gevoel, dat het zo heerlijk had gemaakt om tegen haar te brullen. Vreemd, maar niet onoverkomelijk, aangezien ik er alleen maar op uit was geweest om Naomi van het trapgat weg te houden.

Intussen is Naomi bijna 2,5 jaar oud, en dat is oud genoeg om stout te zijn en te doen. Op zich zijn de regels bij de Rallotjes duidelijk genoeg, en zoals een ware vrouw betaamt is Naomi zeer gevoelig voor regels en Hoe Het Hoort;  maar zoals het hoort bij een peutertje gaat ze over grenzen heen. Dan staat ineens de televisie aan of ze probeert het handvat van de koekenpan te pakken terwijl ik aan het koken ben (omdat het handvat niet warm is, legt ze me dan uit. Fair enough. Het is dan ook eerder de saucijs die me zorgen baart.). Ter plekke moet er dan een nieuwe regel verzonnen worden, en ik geneer me als ik besef met hoeveel graagte ik die nieuwe regel zo streng mogelijk formuleer. Okee, de soep wordt nooit zo heet gegeten &c, maar het voelt op dat moment zo goed om het kind te beknotten in wat ik in mijn rechtvaardige woede ervaar als haar astranterigheid.  Voor haar eigen bestwil, ‘túúrlijk.

Erger is het, als ze weigert. Absoluut weigert. Wat dan ook. Daar is geen regel over te maken, daar kan ik niet tegenin redeneren, daar helpt alleen de Brul der Sferen. Ik vind het niet per se leuk om tegen het kind te gillen, dus vertwijfeld praat ik nog (best lang) op haar in.  Popje, we hebben haast, we moeten echt naar de crèche en de juffies wachten op je. Dan kondig ik het naderend onheil aan: Naomi, ik wil erg graag dat jij (laten we zeggen:) je jas aantrekt; en bovendien (betekenisvolle blik) sta ik op het punt om heel erg boos te worden.
Deze opmerking kan twee effecten hebben. Na een kleine tweestrijd kan Naomi beslissen dat ze het opgeeft, want mama wint uiteindelijk toch altijd; of ze kan beslissen dat mama de pot op kan, haar jas aantrekken? daar heeft Naomi helemaal geen zin in, so there.
Al die tijd heb ik in de verte de jungle drums gehoord maar geprobeerd ze eronder te houden; maar dan voel ik ineens dat ik de intense, botdiepe ergernis niet meer aan kan.
Ik ga zo staan dat ik haar hele blikveld vul.
NU BEN IK BOOS, zeg ik, hard. (We hebben ook buren. Over hen denk ik niet na). NAOMI. NA-OMI, KOM HIER EN TREK JE JAS AAN. NU.
Het kind schrikt elke keer weer. Haar onderlipje trilt, haar ogen worden vochtig, en met bibberende knietjes trekt ze haar jas aan.
“Ik wil niet op de gang” zegt ze, ten overvloede.

Hoe erg is dit incident nou? Niet erg. Maar te beseffen (en hier in het openbaar te erkennen) dat het gevoel van macht dat ik ontleen aan deze strapatzen geniepig is en zelf-rechtvaardigend en volledig hormonaal- daar gaat mijn ego even van gloep. En, om het even erger te maken; als de rook om mijn hoofd is verdwenen besef ik  ineens waarom mensen die technisch gesproken misschien wel goed bij hun hoofd zijn, doorgaan met het mishandelen van hun kinderen, en hoe ze dat rechtlullen voor zichzelf. Je macht gebruiken voelt goed, op een heel fysiek niveau. Het is de primaat in jou die zich lekker voelt omdat hij een onderknuppel te grazen kan nemen.

Godsamme, ik zit me echt de ogen uit mijn hoofd te schamen terwijl ik dit schrijf. Ik heb het hier over mijn eniggeboren dochter, het licht van mijn dagen en de liefste van de wereld. Het is walgelijk. En toch werkt het zo.

Ik heb bovenstaand gedrag een tijdje aangezien en nu heb ik er geen zin meer in. Als ik de jungle drums hoor roep ik Marcel erbij (die een veel grotere hoeveelheid Flegma der Orient™ heeft dan ik). Als ik de jungle drums hoor en Naomi en ik zijn alleen, dan zoek ik soelaas in een straffe wandeling in de richting  van koffie verkeerd met tweederde cheesecake voor mij en aardbeiensap met eenderde cheesecake voor Naomi. Ongecontroleerde woede is onder mijn familieleden (allen primaten…) een bekende kwaal, maar ik zit er bovenop. Ik ken mijn hormonen bij de voornaam, ik weet waar ze wonen. Als ze zich misdragen, dan bel ik hun moeder.

Advertenties

17 gedachten over “Grip op de aap

  1. En ja, zo is het dus: iedere keer dat de jungle drums niet genegeerd zijn, de cheesecake te ver weg was of gewoon vergeten: daar sta je dan, met je mond vol tanden om je eigen volume. Kindje schrikt, maar jij zelf ook.

    Heerlijk om te lezen dat mijn hormonen niet de enigen zijn de ze misdragen. En nu – mede dankzij je plaatje – kan ik ze voortaan vinden! Driewerf hoera voor Anna!

    (Natuurlijk ook omdat het zo mooi geschreven is en fijn leest, maar helaas Anna, jouw mama-blogs worden door deze mama meestal toch eerst primair, eenlagig om de inhoud gewaardeerd. Ik ga er later – als ze 18 zijn ofzo – nog wel eens doorheen om de stilistische kwaliteit te beoordelen)

  2. Mooi, eerst de schaamte over dat je boos moet worden op je eigenlijk zo zoete kind. En dan ook nog de meta-schaamte over dat je eigenlijk die woede een erg prettige sensatie vindt. Ik vind het helemaal niet vreemd dat ouders boos worden op hun kinderen, en ook niet dat ze daar even high van worden. Als ik aan mijn eigen eigenwijsheid denk (die was toen ik klein was nog VEEL groter), en ook aan mijn opvliegendheid, kan ik mij bij beiden van alles voorstellen. En als ik kinderen had, zouden zij vermoedelijk ook af en toe met toeterende oortjes en bibberlipjes tegen mij stamelen: mama, niet zo schreeuwen…

  3. Kan niet echt zeggen dat ik geschokt ben. Je moet af en toe wat verbale dwang gebruiken, maar of je je schuldig moet voelen als dat het gewenste effect bereikt? Bovendien, het feit dat je dit beschrijft toont wel aan dat je een geweten hebt en je thuis niet als een kadhafi gedraagt. (Dat wisten we toch al hoor.)

    • Dag lieve ReinieR, ik wil de lezer ook niet schokken, maar een idee geven van de schokken die een goedwillende ouder soms ondergaat. Kinderen hebben is geen kattenpis, op allerlei niveaus (de meeste erger dan wat ik hier beschrijf…maar Naomi is dan ook een engelachtig meisje, dat slechts marginaal wordt getroffen door de luimen van meer normale peuters. Ook haar luiers geuren naar lavendel & sinaasappelbloesem, trouwens. En de bevalling werd aangekondigd door een dame in een witte jurk die er uitzag als Koningin Beatrix- oh wacht, dat was de verloskundige.).

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s